Vrijheid van publicatie

Programmeurs schrijven meestal code voor programma's, en het werk dat ze doen bij het schrijven, testen en verfijnen van de code bepaalt de waarde van software. We hebben een wet nodig die duidelijk maakt dat het recht om je eigen werk, software of niet, te publiceren niet bedreigd kan worden door patenthouders.

Als patenten de patenthouders toelaten om de publicatie van computerprogramma's te verbieden, is dat alsof je de patenthouder van een automotor het publiceren van boeken die toevallig zo'n motor beschrijven laat verbieden.

Vrijheid van samenwerking

Computers moeten altijd samenwerken, of het nu met printers, digitale camera's of andere computers in een netwerk is. Deze samenwerking wordt geregeld door strenge regels die we "protocols" noemen. De vrijheid hebben om deze protocols te kunnen gebruiken om computers samen te laten werken is zeer belangrijk (dit is waar het Internet om draait). Ten behoeve van industrie en maatschappij moeten een situatie vermeden worden waar deze protocols beheerst worden door patenten waartoe slechts enkelen toegang hebben.

Het is in het belang van iedereen dat het gebruik van protocollen, met als doel interoperabiliteit, beschouwd wordt als "fair use". Standaarden, communicatie, openheid en interoperabiliteit creeren vrije concurrentie en rijkdom voor de maatschappij in haar geheel.

TRIPs en "technologie"

Het internationale TRIPs verdrag stelt dat patenten beschikbaar moeten zijn in alle "fields of technology". Alle landen hebben er baat bij deze duidelijke en éénduidige regel te volgen. Maar, doordat patenten niet bruikbaar zijn om de vooruitgang van alles te stimuleren, is het belangrijk dat er grenzen zijn aan wat beschouwd wordt als een "field of technology".

"Gegevensverwerking" is een zeer brede term die alles omvat van boekhouden tot het sorteren van emails in je inbox - computers zijn nu eenmaal gegevensverwerkende machines. In het TRIPs verdrag wordt niet expliciet vermeld dat gegevensverwerking een "field of technology" is. Het is aan de wetten op dit te verduidelijken.

EPC en "technisch"

De patentwetgeving is bedoeld voor een bepaald soort verwezenlijkingen dat een bepaald soort bescherming nodig heeft. De patentwetgeving stelt niet expliciet welke deze soorten zijn, omdat niet voorziene nieuwe verwezenlijkingen dan niet te patenteren zouden zijn. Om flexibel te zijn, stelt de wet welke soorten verwezenlijken geen uitvindingen zijn (zoals bijvoorbeeld wiskundige methoden).

Verwezenlijkingen die geen uitvindingen zijn hebben iets gemeen. Ze hebben geen "technisch karakter". Patentonderzoekers zoeken meestal naar deze eigenschap als ze een aanvraag onderzoeken, omdat er geen lange en dure beoordeling van nieuwheid en inventiviteit nodig is als deze eigenschap niet aanwezig is. Dit staat beschreven in de richtlijnen van de patentenbureaus en wordt vaak vermeld in voorbereidende werken voor patentwetgevingen.

Gezien het doel van het patentensysteem het stimuleren van vooruitgang is, en niet het afremmen ervan, is het redelijk om vast te houden aan de oude regel van het patentensysteem: Alleen oplossingen het toepassen van kennis over toegepaste natuurwetenschappen (of natuurkrachten) vereisen zijn patenteerbaar. Dit sluit niet uit dat je een computer of een computerprogramma nodig hebt voor een specifieke implementatie, maar de uitvinding zelf moet elders liggen.